Invloed van objecten
Het is belangrijk dat in de richting van waar de wind komt, geen obstakels aanwezig zijn welke de wind hinderen, er zal dan turbulentie ontstaan waardoor de vlieger niet stabiel vliegt. Een vuistregel om te bepalen of een object, zoals een boom of huis, een belemmering is voor de wind is als volgt:
- Ga tegen de wind in staan.
- Steek een van je armen gestrekt naar voren met je duim omhoog.
- Kijk of er objecten in de verte staan welke groter zijn dan de nagel van je duim.
Als er bijvoorbeeld een boom in de verte staat, en deze is groter dan de nagel van je duim dan zal deze turbulentie veroorzaken. In onderstaand plaatje is te zien dat een object met hoogte h turbulentie veroorzaakt tot 2xh erboven, 6xh erachter (downwind) en 2xh ervoor (upwind).
